Jämthund, Zweedse Elandhond, Zweedse Elkhound,

(Noorse Bearhound )

 

Er is geen twijfel mogelijk, de Jämthond is sterk verwant aan de wolf. Hij lijkt er zelfs op.

De Jamthund behoort tot de rassengroep van de Arctische Jachthonden en is één van de oudste hondenrassen ter wereld. Hij behoort ook nu nog altijd tot de grotere Pooljagers van groot wild in het Scandinavisch gebied. 

 

De Jämthund of Zweedse elandhond is een hondenras dat van oorsprong afkomstig is uit Zweden en is het nationale hondenras van Zweden.

 

Hij is een van de grote keeshonden uit de noordelijke naaldbossen. Het is een heel oud ras en was al bekend bij de eerste bewoners van de streek waarnaar hij is genoemd, namelijk het Zweedse landschap Jämtland.

Jamtland ligt aan de grens van Noorwegen en werd ook wel Noorse Bearhound genoemd.

 

 

Het ras en werd gebruikt voor de jacht op beren, lynxen en bosvogels. Nu wordt de Jamthund vrijwel uitsluitend voor de elandenjacht gebruikt, maar zal zeker nog in gezet kunnen worden voor de jacht op klein wild.

Ondanks het feit dat het al een oud ras is kreeg de Jamthund pas in 1946 een eigen rasbeschrijving.  Voor die tijd moest de Jamthund zijn standaard delen met de Grahund die als hetzelfde ras werd beschouwd.

Hij is een bijzonder goede elandhond. Ook voor de slee is het een bruikbare hond.. Hij komt voornamelijk voor in Zweden en is sporadisch vertegenwoordigd in andere landen.

Het is een grote, sterke hond. Een volwassen reu is ongeveer 61 centimeter hoog, een volwassen teef ongeveer 56 centimeter.

 

 Ook vandaag de dag is de Jämthund nog erg populair in Zweden. Natuurlijk als jager, maar ook als gezelschapsdier en waakhond. De Jämthund is een Keesachtige, met een indrukwekkend voorkomen en een zware norse blaf.

Het is een levendige hond, hij kan tegen een stootje en is zeker niet kleinzielig.

De honden genieten van de jacht, houden van het buitenleven, maar bovenal aanbidden ze hun bazen.

Het karakter is evenwichtig en kalm. Vriendelijk en zachtaardig ten opzichte van kinderen, waardoor dit ook een goede gezelschapshond is, mits aan de bewegingseisen wordt voldaan.
Tegenover andere honden kan hij dominant zijn, omdat hij zijn taak als waakhond heel serieus neemt..

 

Eigenlijk is dit geen ras voor een leven in de stad, want hij heeft heel veel ruimte en vrije beweging nodig. Hij moet kunnen rennen en vrij zijn. Als hij de ruimte en de vrijheid krijgt, zorgt hij zelf wel voor een flinke portie lichaamsbeweging, maar waar vindt je die mogelijkheid in Nederland, waar honden in principe nergens los mogen lopen. In Zweden hoofdzakelijk gehouden op boerderijen met uitgestrekte landerijen.

Het is geen wegloper, bewaakt huis en hof met hard en ziel.

 


Beknopte standaard  FCI standaardnr. 42  erkend: 12 mei 1980

Jämthund 

Land van oorsprong Zweden.

De Jämthund is groot en rechthoekig, maar mag niet te lang lijken en niet te zwaar zijn.

Hij is evenwichtig, zit strak in zijn vel, is krachtig maar lenig en heeft een fiere houding.door de lange sterke hals zonder keelhuid.

De borstkas is breed, de lendenen krachtig, de buiklijn iets opgetrokken.

Het kruis/bekken is breed en slechts licht hellend.

Hij staat stevig op zijn sterke, compacte benen met enigszins ovale voeten. 

Het hoofd is lang, droog en relatief breed. De schedel is licht gewelfd met een duidelijke stop.

De neusbrug is recht en de lippen mooi aangesloten . 

De ogen zijn enigszins ovaal, vrij klein en donkerbruin van kleur. 

De oren zijn relatief klein en hoog aangezet. Ze worden rechtop gedragen en hebben puntige uiteinden. 

De staart is hoog aangezet, matig lang en wordt los gekruld over de rug gedragen. 

Vacht is lang en stug met donkere punten. Kort en glad op het hoofd en de voorkant van de benen. Langer op de hals, borst, staart en de achterkant van de benen.

Kortere, zachte, lichtere ( bij voorkeur witte ) ondervacht. (dagelijks even borstelen)

Kleur varieert van heel donker tot lichtgrijs. Lichtgrijs of crème op de snuit, wangen, keel, buik, poten en onderzijde van de staart is kenmerkend, het zogenaamde wolvenpatroon.

Reuen zijn tussen de 58 tot 63 cm hoog en de teven 53 tot 58 cm.  Het gewicht bedraagt rond de 20 kg.

 

Brond internet. In@

     naar boven